Ouderschap
Lennie: ‘De jeugdverpleegkundige had aandacht voor het hele gezin.’ mood picture

Lennie: ‘De jeugdverpleegkundige had aandacht voor het hele gezin.’

Lennie, moeder van Zeeger (5) en Aveline (3), raadt ouders aan goed gebruik te maken van het consultatiebureau. Zij kregen bijvoorbeeld steun bij de lastige start van haar zoon, zorg op maat bij de oogtest van haar dochter en tips die werkten toen haar zoon niet doorsliep. Lennie: ‘Je doet als nieuwe ouders toch alles voor het eerst.’

Bevestiging

‘Tijdens mijn eerste zwangerschap las ik veel over zwanger zijn en de bevalling. Over de tijd daarna dacht ik: dat zien we dan wel weer.
Met Zeeger hadden we best een lastige start. Ik had een zware bevalling, en ik wilde heel graag borstvoeding geven, maar die kwam niet goed op gang. We twijfelden of hij genoeg voeding binnenkreeg en of hij genoeg groeide.
Het was toen fijn om bevestiging te krijgen dat we het goed deden. Je doet als nieuwe ouders toch alles voor het eerst. Het contact met de jeugdverpleegkundige was heel warm.’

Oogtest

‘Ik heb het consultatiebureau vooral ervaren als een extra check. Toen Zeeger vier was bleek tijdens de oogtest bijvoorbeeld dat hij niet goed zag. Hij gaf dat zelf niet aan en wij merkten het niet omdat hij met behulp van zijn andere oog alles goed kon zien. We kregen direct een verwijzing naar de huisarts. Hij draagt nu een bril.

Toen onze dochter Aveline was geboren, bleek ze een vlekje te hebben op de huid boven haar oog. Daar zijn we best een tijdje voor onder controle geweest in het ziekenhuis, omdat er een kans was op een bepaald syndroom. Gelukkig was er niets ernstigs aan de hand. Maar omdat haar broertje een bril droeg, wilden we toch graag op tijd haar ogen laten controleren.
Toen Aveline drie was, heb ik dit aan de jeugdarts verteld. Zij zei direct: dan doen we de oogcontrole nu en niet pas als ze vier is. Dat was heel fijn: echt maatwerk.’

Online bijeenkomst

‘En soms kregen we simpele, maar gouden tips. Zo sliep Zeeger een periode niet goed door. Dan denk je: heeft hij het te koud, te warm, is er iets mis? De jeugdverpleegkundige gaf aan dat hij misschien gewoon trek had. Ze adviseerde wat meer hapjes te geven of te beginnen met brood. En dat werkte. Blijkbaar had dat mannetje gewoon meer voeding nodig. Dit had ik zelf niet bedacht.

Wat ik ook fijn vind, is dat er bij het consultatiebureau aandacht is voor het hele gezin. Er zit immers nog een hele wereld om je kind heen die ook bepaalt hoe het met je kind gaat.
De jeugdverpleegkundige vroeg bijvoorbeeld regelmatig: Hoe gaat het met jou? Hoe gaat het met jullie samen? Hoe reageert Zeeger op zijn zusje? Ik heb via het consultatiebureau ook een online bijeenkomst gevolgd over hoe je met je partner in gesprek blijft. Ik denk dat die informatie voor iedereen waardevol is.

‘Ik geloof in het principe: it takes a village to raise a child. Je kind is thuis, gaat naar school, naar de sportclub, en het consultatiebureau hoort ook bij die ‘village’. Ik zou tegen ouders willen zeggen: maak vooral gebruik van de mogelijkheden. Op het moment dat je je zorgen maakt, op het moment dat je hulp zou kunnen gebruiken, vraag het. De mensen die er werken, hebben er allemaal voor geleerd. Ze zien heel veel kinderen en spreken heel veel ouders. Daar zit veel ervaring waar je van kunt profiteren, zonder dat je bang hoeft te zijn dat je bestempeld wordt als slechte ouder.’